Het water in de ether tussen jou en mij wordt vaak evenredig verdeeld [een avontuur van klassiek broederschap]
Dijt niet uit – stroomt niet toe
De waterbron is gewichtloos, zoals deze droom exceptioneel vibrerend en geruisloos van aard is
De aarde lijkt een bruine klontmassa, vergelijkbaar met klei
– we vergeten kleién als heilige bron –
Maar het is een drup uit de oceaan als vormenspel uit de atmosfeer
Tussen jou en mij, wat tollend mee zingt, draait en in ons ontstaat, maar ook verder dan hier; daar – waar
Het water gelijk verdeeld wordt onder de voormalig erbarmen en zoekenden die net als wij voorbij de rariteit van Tijd gestegen zijn
Gedreven door mysteries om aan de Zeitgeist te ontsnappen. Hierbinnen is de uitweg van politiek gekapittel. Hier zakt het water, rijzend in eeuwigheid. Zink tot je knieën buigend rusten op de aarde, met je handen vrij van willen en weten – en gedachten tot bedaren – om ons vormenspel te beëdigen
Ik snap het spel en dat is waarom ik je mijn aarde, die ene druppel toe vertrouw. Ik wil het geleerde niet langer vereren – het weten spoelt door – maar knielend ervaren; opstijgend en de bodem rakend. Liefst hangend als een herfstig blad dat vers water – regent het buiten? – toelaat en verdampt in je zilte armen
Mathilde
17 06 2026
–
PS Aan hem die ik ooit in vers water ontmoet
Beeld (under construction): May the shadow cast a light on you, next week again. Project Resprout [in progress], 17 06 2026
